dinsdag 24 april 2012

Toepassingskaart 8: Dyslexie

Beschrijving dyslexiebeleid stageschool.
---
De Kinderkring in Woubrugge heeft een dyslexieprotocol van het samenwerkingsverband WSNS Rijnstreek, deze hebben zij deels zelf aangepast.
---
Het protocol van het samenwerkingsverband heeft als titel: Protocol leesproblemen en dyslexie voor het Primair Onderwijs. In het protocol komt aan bod hoe er binnen het samenwerkingsverband aandacht besteed wordt aan het vroegtijdig signaleren en begeleiden van leerlingen met lees- en spellingproblemen. Het protocol maakt onderdeel uit van het zorgbeleidsplan van de Kinderkring.
---
Het gaat in het protocol onder andere over onderkenning,diagnose,begeleiding, het krijgen van en omgaan met een dyslexieverklaring, wat de mogelijkheden zijn voor compenserende en dispenserende maatregelen en hoe ze omgaan met communicatie met ouders met betrekking tot dyslexie. Tot slot wordt er aandacht besteed aan de overgang van PO naar VO.
---
Het eerste hoofdstuk gaat over de onderkenning, hieraan staat hoe ze resultaten van leerlingen bijhouden. Voor kleuters is er een ontwikkelingsvolgsysteem: GOVK. Bij risicoleerlingen wordt de checklist dyslexie ingevuld en wordt bij ouders nagevraagd of er sprake is van dyslexie in de familie.
Verder krijgen alle 5 jarige kleuters een screening door de schoologopediste. Op basis van deze screening wordt gekeken of er voldoende ontwikkeling is, is dit niet het geval wordt de leerling verder onderzocht, begeleidt door de schoollogopediste of doorverwezen naar een particuliere logopediepraktijk.
Voor groep 3 t/m 8 is een stappenplan, deze is in het protocol als bijlage te vinden, bij deze klassen nemen ze gewoon de cito toetsen af.
---
Hierna wordt de diagnose behandeld. Als blijkt dat er een lees- spellingprobleem is worden de methodegebonden toetsen geanalyseerd. Hiermee hopen ze erachter te komen wat de aard van het probleem is. Wanneer ze er hierna nog niet achter zijn wordt er diagnostisch onderzoek gedaan.
---
De begeleiding van leerlingen met lees- en spellingproblemen vindt binnen de groep door de groepsleerkracht plaats. Waar nodig kan deze wel ondersteund worden door de taal- leesspecialist. Wanneer het spellingsniveau voor een leerling te hoog is bieden ze leerstof op een lager niveau aan. Software als Leesladder en spellingssoftware worden ingezet binnen de klassensituatie om de lees- en spellingontwikkeling te ondersteunen.
---
De school spreekt niet van dyslexie tot, volgens de officiële criteria door een GZ-psycholoog, is vastgesteld dat er sprake is van dyslexie. Een dyslexieonderzoek bestaat uit onderkennende diagnose, verklarende diagnose en handelingsgerichte/indicerende diagnose. Voor kinderen met lees-spellingproblemen wordt een dyslexiedossier bijgehouden. Hierin worden onder andere toetsgegevens en de beschrijving van het leerproces opgenomen. Ook wordt hierin aangegeven wat de didactische aanwijzingen zijn voor volgend schooljaar. Als ouders een officiële dyslexieverklaring willen zijn er drie mogelijkheden: ouders onderzoek laten verrichten, vergoed door ziektekostenverzekeraar, ouders laten op eigen kosten onderzoek verrichten bij een particulier bureau, wat ook kan is dat de school in overleg met ouders begin groep 8 een dyslexieonderzoek aanvraagt bij het dyslexiecentrum MHR.
---
Mogelijkheden voor compenserende en dispenserende maatregelen moet de school voor zichzelf aanpassen. Enkele van de gegeven mogelijke maatregelen bij het lezen door het samenwerkingsverband zijn: geen onvoorbereide leesbeurten, lezen zonder tijdsdruk, zaakvak teksten thuis voorbereiden en vergrote leesteksten. Ook geeft het samenwerkingsverband mogelijke maatregelen bij spelling, bijvoorbeeld: gedifferentieerde beoordeling van spelfouten, de leerling mag hulpmiddelen gebruiken, schrijftaken worden verlicht en een minimumprogramma wordt aangeboden.
---
Ook communicatie met ouders over het lees- spellingprobleem van de leerling is belangrijk. Zo wordt er van ouders verwacht dat zij een actieve rol willen spelen bij het verbeteren van de leesontwikkeling van hun kind. De begeleiding op school en thuis moeten in elkaars verlengde liggen.
---
De gesignaleerde lees- en/of spellingproblemen en gegeven begeleiding moeten tijdig(uiterlijk eind groep 7) en duidelijk met ouders besproken worden, zodat ouders hier rekening mee kunnen houden bij de keuze van school/type VO. De VO school wordt door de leerkracht goed geïnformeerd over het lees- spellingprobleem van de leerling.
---
Sterkte – zwakte analyse.
Sterk:
-          Bij de kleuters wordt al voldoende aandacht besteed aan de mogelijke aanwezigheid van dyslexie.
-          Alvorens er een officiële dyslexieverklaring is gegeven begeleidt de school de leerling al in zijn probleem.
-          Er worden gedurende het jaar in alle leerjaren regelmatig toetsen afgenomen waarbij eventuele dyslexie dus gemakkelijker ontdekt kan worden.
-          De voortgang van elke leerling wordt nauwkeurig bijgehouden.
-          Ouders worden sterk betrokken in het proces.
---
Zwak:
-          In de uitvoering zijn wij nog weinig tegengekomen met betrekking tot dyslexie. Er wordt in het protocol gezegd dat hier bij de kleuters al naar gekeken wordt, maar wij waren degene die een lettertoets afnamen en deze lettertoets was bij hen niet bekend.
---
Conclusie:
Er is goed nagedacht over het beleid met betrekking tot dyslexie. Dit is duidelijk beschreven in het protocol en wanneer de school zich hieraan houdt is dit zeker in orde. Wij lopen nog niet heel lang stage op de Kinderkring maar hebben het idee dat er bij de kleuters niet heel veel mee gedaan wordt, dit terwijl dit wel in het protocol staat. Hier zou dus meer het protocol gevolgd moeten worden.
---
Verslag bespreking.
Ik heb de signaleringslijst ingevuld voor twee jongste kleuters en twee oudste kleuters. Met hen heb ik alle werkdocumenten uitgevoerd. Ook heb bij ik alle oudste kleuters de lettertoets afgenomen. Dit omdat mijn mentor het leuk vond om te weten welke letters zij al kennen.
---
De resultaten van de lettertoets heb ik besproken met mijn mentor. Van de 25 letters waren er nog maar 7 aangeboden maar veel kleuters kenden ook al meer letters. Dit vond mijn mentor erg leuk om te zien. De resultaten waren grotendeels naar haar verwachting, alhoewel er wel 1 of 2 leerlingen waren die boven verwachting scoorden. Dit was leuk om te zien.
---
De signaleringslijst heb ik zelf grotendeels ingevuld en daarna met mijn mentor besproken. Het was leuk om te zien dat wat ik ingevuld had overeen kwam met het beeld van mijn mentor bij die leerlingen.
---
Ook de overige werkdocumenten die ik met 4 leerlingen heb uitgevoerd heb ik besproken met mijn mentor. Bij deze leerlingen heb ik naast de lettertoets ook nog afgenomen: de kleurentoets, de toets auditieve analyse, de toets auditieve synthese en de toets invented spelling.
Het was bijzonder om te zien dat één van de jongste kleuters in sommige dingen nog beter scoorde dan één van de oudste kleuters. Ook klopte het dat één van de oudste kleuters waarvan gedacht wordt dat hij dyslexie heeft, lager scoorde op deze toetsen. 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten